De Ed en Willem Bever van Helmond Sport

Voor het onderhoud en de schoonmaak van het stadion zijn Peter Martens en Toon Dijsseldonk verantwoordelijk. “Dat kan van alles zijn. Schilderen, kleine reparaties en zelfs vervangen van complete deuren en deurkozijnen. Zoals laatst toen FC Den Bosch op bezoek was en er een deur inclusief kozijn moedwillig gesloopt werd”, vertelt Peter Martens (links op de foto). Toon Dijsseldonk luistert. Met de schoonmaakploeg komt hij dit soort uitwassen gelukkig niet tegen.

Tien jaar geleden werd Martens als timmerman afgekeurd. Maar stil zitten staat niet in zijn woordenboek. Toen toenmalige technisch directeur Mario Captein hem vroeg als klusjesman, hoefde hij niet lang na te denken. “Er is altijd genoeg te doen. Het stadion heeft zijn beste tijd gehad en moet nog enkele jaren dienstdoen.” Het interview vindt plaats in de hal van de businessclub. “Kijk daar bijvoorbeeld.” Martens wijst naar een wand. “Die heb ik pas nog geschilderd.”

Elkaar helpen

Schilderen is ook een ding van Toon Verdonkschot. “Ik heb vroeger in de bouw gewerkt en de laatste jaren als schilder bij Dusol.” Ook Dijsseldonk is net als Martens via zijn levenslange ‘liefdesrelatie’ met Helmond Sport aan een vrijwilligersbaan gekomen op de Braak. Vrijdags voor de wedstrijden poesten we met een ploeg het stadion en ‘s maandags, twee dagen na een thuiswedstrijd, ruimen we de rommel op. Daarnaast help ik Peter en helpt Peter mij. We kunnen het samen goed vinden.”

Voetballiefde

Twee mannen met dezelfde achtergrond. Beiden hebben lang gevoetbald, maar moesten op een gegeven moment hun voetbalschoenen aan de wilgen hangen. Dijsseldonk: ‘Ik heb altijd bij PVV gespeeld. Op mijn 38e kreeg ik een zware blessure aan mijn rechterbeen. Het zag er zorgwekkend uit. Gelukkig is alles goedgekomen, maar om ergens begin 40 de draad weer op te pakken, zag ik niet meer zitten.’

Bij Martens was het geen veldblessure, maar begon zijn hart te protesteren. “Ik had een partijtje walking football gespeeld op het HVV-terrein. Ik wandelde naar de auto, ging in mijn auto zitten en werd overvallen door pijn aan mijn hart. Collega-voetballers zagen het. Iemand belde snel 112. Een ambulance kwam en de ambulancebroeders constateerden dat ik in mijn auto een hartinfarct gehad heb.”

Woon-werkverkeer

Beide pensionado’s draaien op weekbasis heel wat uurtjes in en rond het stadion. “Ik woon zo ongeveer tegenover het stadion. Als ik deur uit ga, ben ik er zo. Of er ligt een opdracht te wachten of ik ga zelf aan de slag,’ vertelt Martens. ‘Er is altijd wel iets te doen.” Voor Dijsseldonk ligt de zaak iets anders. “Van Helmond-West naar de Braak is ongeveer 4 kilometer. Maar dat is op mijn scootertje goed te doen. Mijn klussen hebben een behoorlijk vast ritme. En als we klaar zijn met schoonmaken, kijk ik of ik Peter kan helpen.”

Vergelijking

De vergelijking met Ed en Willem Bever gaat  goed op. Voor de jongere lezers: Ed en Willem Bever waren twee broers die konden maken wat ze zagen en altijd goedgehumeurd waren. Twee bevers die een rol speelden in de dagelijkse tv-afleveringen van de Fabeltjeskrant, eind jaren zestig, midden jaren zeventig. Helmond Sport heeft zijn eigen klusjesbevers. Laat Peter en Toon maar schuiven. Komt allemaal goed.

Tekst en foto: Jan-Willem van den Enden